Gaat het om de knikkers of om het spel?

Knikkers of het spel 1Spelletjes hebben mij altijd gefascineerd, van bordspelletjes tot computergames. Van huis uit speelden wij vaak bordspelletjes. Ik was ook altijd erg fanatiek. In mijn kinderjaren resulteerde dat regelmatig in woede en huilpartijen als ik verloor en een gevoel van onoverwinnelijkheid en een adrenalinestoot als ik won. Deze ervaringen waren niet uniek. Ik speelde vaak met vrienden waarmee het bijvoorbeeld bij een potje Risk of Mariokart heftig aan toe kon gaan. Onlangs tijdens het spelen van een bordspel met mijn broeders kwam ik tot de ontdekking dat ik niet meer zo fanatiek . Dus ik vroeg mij af speel ik om de knikkers of om het spel?

Mannen voor de knikkers, vrouwen voor het spel?

Als ik zo terugkijk realiseerde ik het al eerder, het lijkt een gradueel proces. Waar ik vroeger alles deed om te winnen, waaronder ‘trucjes’ die sommige mensen vuil zouden vinden, lijkt het mij nu minder te interesseren. Het samen zijn en het spel ‘gezellig’ spelen lijken belangrijker te zijn geworden. Na dit inzicht ging ik verder denken over ‘de knikkers en het spel’. Veel mannen spelen om de knikkers, veel vrouwen om het spel. Lijkt wat stereotyperend, maar ik maak het vaak zelf mee. Als vrouwen regelmatig verliezen blijven ze (meestal) met plezier doorspelen, als dit regelmatig bij mannen gebeurt worden ze chagrijnig of spelen ze simpelweg niet meer mee. Nog een stukje erfenis van onze oervaders, de jagers?

Direct naar het doel, het spel overslaan

Als je dit verder trekt naar andere ‘spelletjes’ zoals je carrière, relaties en persoonlijke ontwikkeling dan zie ik ook daar interessant overeenkomsten. Als ik met mannen praat over hun carrière dan hoor ik bijvoorbeeld: Ik wil promotie maken of ik wil een carrière switch maken. Er wordt voornamelijk gekeken naar het doel, de knikkers en minder naar de weg, het spel. Eigenlijk willen wij het spel overslaan en direct naar de knikkers.

Paradox

Het is nogal paradoxaal, als wij ons alleen maar focussen op de knikkers vergeten wij alles en iedereen om ons heen. Hierdoor kunnen de zuurverdiende knikkers een bittere nasmaak krijgen. Bijvoorbeeld ten koste van je familie, vrienden en jezelf, meedogenloos gaan voor die begeerde promotie. Aan de andere kant als wij ons alleen maar focussen op het spel kunnen wij het doel uit het oog verliezen waardoor wij niet bereiken wat wij willen bereiken. Bijvoorbeeld altijd klaar staan voor je collega’s, hard werken en regelmatig overwerken maar er niet voor zorgen dat jij die felbegeerde promotie binnenhaald.

Wat is succes?

Ik vraag mij dan ook hardop af of er een beste weg is, de middenweg misschien? Eén oog met het spel bezighouden en de ander op de knikkers houden? De kans zit er dan in dat er iemand in het spel fanatieker is en de knikkers voor je neus weggapt en dat je het spel dan toch niet zo gezellig vond. Kan je ook succesvol zijn als je niet volledig gefocust bent op de knikkers? Ik merk wel dat ik minder win sinds ik minder gericht ben op de knikkers. Misschien ligt het er ook wel aan hoe je succes definieert. Waar voor mij vroeger succes lag bij het winnen van een spel lijkt het nu meer te liggen bij het genieten van het spel en het gezelschap. In mijn carrière lijkt het nu andersom te liggen, waar ik vroeger weinig bewust bezig was om carrière te maken en doelen te stellen ben ik nu heel bewust bezig met doelen en mijn missie. Ik vraag mij echter wel af of ik nog wel de scherpte en meedogenloze focus heb om mijn felbegeerde knikkers te veroveren.

Wat is jouw verhaal, ga jij voor de knikkers of het spel?

Alles of niets

alles-of-niets-3

De term ‘Alles of niets’ komt voor de meeste mannen wel bekend voor. Bijvoorbeeld in sporten, games, werk etc. Zelf kan ik er ook wat van. Ik geef niet op als ik bijvoorbeeld aan het hardlopen ben en het gaat niet zo lekker. Ik moet de afstand lopen die ik mijzelf heb opgelegd, anders ben ik een watje en heb ik gefaald. Ik hoor het ook bij andere mensen  die bijvoorbeeld door blijven sporten als het niet goed gaat en daardoor blessures krijgen. Of constant overwerken om maar die ene opdracht af te krijgen en uiteindelijk vermoeid en uitgeblust raken.  

De kracht van verliezen

Het lijkt een mooi streven om voor het uiterste te gaan, zodat je alles uit jezelf kan halen. Er is in principe ook niets mis mee om ambitieus te zijn en te willen streven naar iets beters. Ik denk dat dit een van de redenen is dat mensen zoveel hebben kunnen bereiken, alles-of-niets-1van het uitvinden van vuur tot het bereiken van de maan en verder. Het is een drijvende kracht. Wat ik echter wel veel bij mannen zie is dat het tot extremen wordt gepusht. Dat je  je eigen grenzen voorbijgaat om maar dat doel te bereiken die vervolgens weer wordt verzet. Het wordt een soort van rat-race dat je nooit kan winnen. Het probleem hierin is dat je nooit altijd de beste kan zijn en dat er altijd iemand verliest. Ook al win je zo vaak je zal altijd een keer verliezen, een zeer onzekere positie. De meest succesvolle mensen zoals Michael Jordan geven aan dat ze voornamelijk succesvol zijn door de keren dat ze misten en verloren. De kracht en de lering van verliezen worden onderschat.

Competitief

Het alles of niets principe komt vooral veel bij mannen voor. Zo blijkt dat meer dan 80% van de directeuren van grote ondernemingen mannen zijn, 94% van de wereldleiders mannen zijn en mannen verdienen gemiddeld 20% meer dan vrouwen. Tegelijkertijd zijn 92% van de gevangenen mannen, 78% van de daklozen zijn mannen en mannen plegen  twee keer zo vaak zelfmoord als vrouwen. Mannen lijken minimaal net zo vaak te verliezen als dat ze winnen. Vrouwen zijn meer vertegenwoordigt in de middelste regionen, meer gematigd. Mannen zijn, over het algemeen, competitiever. Ik merkte dit al van jongs af aan. Wij speelden vaak spelletjes thuis waarin mijn vrienden en ik elkaars bloed konden drinken en echt boos konden worden. De vrouwen waren veel gemoedelijker en reageerde pas na veel provocatie. Waar winnaars zijn, zijn ook verliezers.

Nuances

Deze alles of niets mentaliteit is een van de oorzaken van overspannenheid en burn-out. Door het zwart-wit denken ontbreekt alle nuance. Je werk is goed of slecht, mensen zijn goed of slecht, jij bent goed of slecht. Dit kan een enorme prestatiedruk op iemand leggen, waardoor je uiteindelijk kan breken. Tussen zwart en wit zitten velen kleuren. Als je in extremen denkt zal je deze kleuren nooit ontdekken en blijft je wereld grauw. Zelf merkte ik dat ik dingen ging vermijden waarin ik niet optimaal verwachtte te presteren en hierdoor miste ik veel. Langzaamaan ben ik dingen gaan verkennen, zoals hardlopen, klussen, bloggen en coachen. Toen ik daarmee begon merkte ik pas hoeveel ik vroeger miste uit angst om te falen. Veel van bovenstaande activiteiten vind ik nog steeds wel spannend, maar ik kan er beter mee omgaan. Het belangrijkste is dat ik het probeer, het resultaat beter is dan ik verwacht en dat ik kan accepteren dat het resultaat minder dan perfect is.

Ik ben helemaal voor ontwikkeling en het beste uit jezelf  halen. Dit betekend echter niet dat het altijd goed moet gaan, dat je altijd kan winnen en dat je verlies ten alle tijde moet vermijden. Het is zonde als je alleen maar naar de extremen kijkt in jezelf en anderen, je mist dan alles wat daartussen zit.